Cirkels

Inleiding

In de renaissance gebruikte men de term tempus perfectum om aan te duiden dat een muziekstuk in een drieledige maat (zoals de wals) geschreven was. Tempus perfectum —de perfecte maat— met als symbool de cirkel. Een vierkant is hoekig, een cirkel perfect rond. Over cirkels is nog meer te vertellen dan over driehoeken, maar ook hier moeten we ons beperken tot een aantal eigenschappen. We bekijken volgende onderwerpen:

Ook hier sluiten enkele oefeningen het hoofdstuk af. We herhalen dezelfde opmerking als bij de driehoeken. Niet de oefeningen op zich zijn belangrijk. Je beschouwt ze best als een manier om vertrouwd te geraken met meetkunde en PeL.